De oefeningen “Grijp de mus bij de staart” begint door het bovenlichaam iets naar rechts te draaien (van de eindpositie 9 uur uit de vorige reeks naar ongeveer 11 uur) en gelijktijdig de rechterhand zijdelings opheffen tot schouderhoogte. De handpalm wijst naar boven.

Het lichaam nog verder naar rechts draaien, 12 uur, en voor de rechterzijde van de borst de al beschreven “balhouding” aannemen. De rechterhand is daarbij boven. Tegelijkertijd wordt het gewicht overgebracht op het rechterbeen.
De linkervoet wordt naast de rechter getrokken en rust alleen met de tenen op de grond. Kijk naar de rechter hand.
Nu het bovenlichaam wat naar links draaien, 11 uur. Met de linkervoet een pas voorwaarts naken (deze wijst ongeveer naar 8 uur) . Het bovenlichaam doordraaien naar 10 uur, de linkerknie buigen om een “buiging ‘l in te leiden, terwijl het rechterbeen gestrekt blijft. Intussen wordt de linkerarm op schouderhoogte uitgestrekt, de handpalm wijst naar binnen. De rechterhand valt nu langzaam omlaag, de vingers wij zen naar voren. Kijk naar de linkeronderarm,
Niet vergeten de arm wordt nooit geheel gestrekt, maar blijft altijd licht gebogen. De bewegingen van de handen, de ontspanning van de taille en het buigen van de knieën moeten volkomen in harmonie met elkaar zijn.

Voor “Grijp de mus bij de staart” draai je nu het bovenlichaam nu iets naar links, en strek de linkerhand met de palm omlaag naar voren uit. De rechterhand wordt omhoog gebracht terwijl de palm naar boven draait, tot deze zich onder de linkerarm bevindt. Daarna het bovenlichaam rechtsom draaien, 11 uur, en beide armen naar beneden brengen, alsof u voor uw buik een bocht wilt beschrijven. De linkerhand verder zijwaarts brengen en op schouderhoogte met de palm omhoog uitstrekken. De rechter onderarm ligt daarbij tegen de borst, met de palm naar binnen gekeerd. Op hetzelfde moment verplaatst u uw gewicht naar uw rechterbeen. Kijk daarbij naar de rechterhand.

Nu draait u het bovenlichaam een beetje naar links, 10 uur. De rechterarm buigen, de rechterhand voor de linkerpols plaatsen. Het bovenlichaam vervolgens doordraaien naar links, 9 uur, en beide handen langzaam naar voren brengen, waarbij de rechter handpalm naar voren en de linker handpalm naar binnen Wijst. De linkerarm is gebogen. Intussen wordt het gewicht langzaam overgebracht op het linkerbeen om een ” buiging ” in te leiden. Kijk naar de linkerpols.

Als de handen naar voren gaan blijft het bovenlichaam rechtop (daar kan niet genoeg de nadruk op worden gelegd, omdat men zich op dit punt gemakkelijk vergist) . Terwijl u de rechterhand boven de linkerpols strekt en naar voren naast de linkerhand brengt, draait u beide handpalmen omlaag. De handen gaan ongeveer een schouderbreedte uit elkaar, waarbij uw lichaamsgewicht verplaatst naar het lichtgebogen rechterbeen. De linker voorvoet komt iets van de grond. Beide handen worden gelijktijdig voor de buik teruggetrokken, waarbij de handpalmen naar voren en iets omlaag wij zen. Recht naar voren kijken

Het gewicht langzaam naar het linkerbeen verplaatsen, terwijl u de handen (met de palmen naar voren gekeerd) schuin naar voren en naar boeven beweegt, tot de polsen zich ter hoogte van de schouders bevinden. Op hetzelfde moment buigt zich de linkerknie. Kijk recht naar voren. In de eindpositie kijkt u weer in de richting van 9 uur.

Zithouding” aannemen en het lichaam rechtsom draaien, 12 uur. Het gewicht overbrengen op het rechterbeen, de tenen van de linkervoet naar binnen draaien. De rechterhand beschrijft nu een horizontale bocht naar rechts, voor de buik langs, ter hoogte van de ribben. De handpalm wijst omhoog. Op deze wijze ontstaat als vanzelf de balhouding. De linkerhand bevindt zich daarbij bovenaan. Het gewicht wordt ondertussen weer naar het linkerbeen verplaatst. De rechtervoet wordt met iets opgeheven hiel naast de linker gezet. Kijk naar de linkerhand.

De bewegingen  worden nu nog een  keer, maar ditmaal in spiegelbeeld uitgevoerd en zo wordt “Grijp de mus bij de staart” herhaald.